De Schubertiade-pianoforte

De beslissing om een originele fortepiano van Conrad Graf (Artesis Antwerpen, in depot in Museum Vleeshuis) te gebruiken voor Schubertiade, stoelt op een dubbele overweging. Enerzijds leidt het instrument tot heel dicht bij de componist: het werd vervaardigd in 1826 – 2 jaar voor Schuberts dood – door een bouwer die hij persoonlijk heeft gekend. Anderzijds deed zich de unieke gelegenheid voor om dit eeuwig frisse instrument – recent gerestaureerd door Jan Van den Hemel (2011) – te herenigen met zijn tweelingbroer: een vootreffelijke facsimile uit 1997, ter beschikking gesteld door het Ruckers Genootschap.

Deze vereniging zet zich al bijna een halve eeuw lang in voor de bevordering van de kennis van de historische instrumenten uit de Vleeshuiscollectie, door onderzoek naar ontstaanscontext en uitvoeringspraktijk, door documentatiewerk en archiefzorg, ontwerpstudie en -realisatie, conservatie, restauratie en actieve erfgoedontsluiting. Het Genootschap werd vernoemd naar Hans Ruckers: de stichter van een vermaard Antwerps klavecimbelatelier dat in de 16de en 17de eeuw tot de beste van Europa behoorde.

Naar aanleiding van het 25-jarige bestaan van het Ruckers Genootschap werd in 1994 beslist een facsimile te laten bouwen van Grafs meesterstuk (Weens mechaniek, met leder overtrokken hamers, 6½ octaven – 4 pedalen), dat in 1974 door Adlam/Burnett en in 1991 door Christopher Clarke was gerestaureerd. Het was ook aan Clarke dat de bouwopdracht werd toevertrouwd. Hij zou drie jaar werken aan het instrument en werd daarvoor bekroond met de ‘Prix Liliane Bettencourt pour l’intelligence de la main’.

Sofie Taes & Jeannine Lambrechts-Douillez

De ‘Schubertiade’-pianofortes: Conrad Graf, 1826, Artesis Antwerpen – Christopher Clarke, 1997 (facsimile Conrad Graf, 1826), Ruckers Genootschap